Leeg

Lesmateriaal

Laat je inspireren! Hier vind je de leukste levensechte lessen – in tekst of met een filmpje. Voeg de lessen gratis toe aan je winkelmandje en print of download ze direct. Heb je zelf een leuke levensechte les?

Kijk verder

Verf-theorie en praktijk

Vak: Taal / Lesstofonderdeel: Woordenschat Algemeen / Groep: 5-8 / Doelgroep: Lessen

Kinderen maken zelf een tastbaar iets (in dit geval ‘verf’) in een praktijkgerichte les, waarna ze een theorieles krijgen over de materialen die ze gebruikt hebben, gericht op woordenschatontwikkeling.

Doel van de les is om kinderen levensecht te laten leren door ze bijvoorbeeld verf te laten maken. In plaats van verf, kun je ook jam, kaarsen, zeep, drop of cementtegels  maken. Aan de praktische activiteit wordt  woordenschatontwikkeling gekoppeld. Door het zelf maken van verf leren kinderen tal van nieuwe woorden zoals: pigmenten, primaire kleuren, complementaire kleuren, organische stoffen, mineralen, kwasten, penselen enz. Ze leren  passief door te luisteren naar de uitleg over deze woorden en ze te lezen in tekstverband. Ze leren actief door de woorden  te gebruiken in hun woordweb en in hun filmpjes die ze over dit onderwerp maken (ze geven daarin bijvoorbeeld uitleg over hoe je verf maakt).

Verf – theorie en praktijk (door Maartje Keune)

Theorieles:

1. Woordweb laten maken met het onderwerp verf. Wat weten kinderen al?
2. Tekst lezen over verf maken (recept zoeken op internet).
3. Nieuwe woorden bespreken en op het bord zetten.

Praktijkles:

1. In groepjes zelf verf maken volgens het recept dat ze de dag daarvoor gelezen hebben.
2. Schilderen met deze verf. Bij mij in de klas hebben de kinderen allemaal een mooie boom geschilderd. Ik heb ze allemaal opgehangen en we hadden een klas vol prachtige bomen.

Theorieles:

1. Ze hebben het woordweb aangevuld met de nieuwe woorden.
2. Kinderen hebben in een zelf gemaakt filmpje ( met de iPad) uitgelegd hoe ze de verf hebben gemaakt. Hierin zijn alle nieuwe woorden gebruikt.

Bij  het maken van jam hebben we bijvoorbeeld verschillende soorten fruit leren kennen en hebben de kinderen gewerkt aan tekstbegrip. Ze hebben de tekst over jam gelezen en de volgende vragen beantwoord:
-Wat is geleisuiker?
-Wat is pectine en waarvoor wordt het gebruikt?
-Wat doet suiker in de jam, waar zorgt het voor?
-Wat zijn ingrediënten?
-Welke ingrediënten heb je nodig om jam te maken? enz.

We hebben ook gekeken naar de opbouw van de tekst:
letters - woorden - zinnen - alinea's - hoofdstukken

1. Recept "zelf verf maken met eieren" (internet staat er vol mee)
2. Eieren
3. Kleurpigmenten: rood, blauw en geel (te krijgen in een hobbywinkel)
4. Mengbakjes en lepeltjes
5. Kwasten en papier
6. Eventueel iPad voor de filmpjes.